Alles over Alzheimer

Ruim een kwart miljoen Nederlanders lijdt aan een vorm van dementie. 70 procent van hen heeft de ziekte van Alzheimer. Onderzoekers werken keihard aan een oplossing, maar helaas kun je nog niet van deze ziektes genezen. Toch gloort er volgens neuroloog Philip Scheltens hoop. “Die doorbraak gaat er komen.” 

Prof. dr. Philip Scheltens, neuroloog en directeur van het Alzheimer Centrum van het Amsterdam UMC: “Naar bijvoorbeeld kanker wordt al decennialang onderzoek gedaan. Maar de speurtocht naar de oorzaak en behandeling van dementie is eigenlijk pas in de jaren ’80 serieus van de grond gekomen. Sindsdien hebben we veel stappen gezet. Zo kunnen we steeds eerder en nauwkeuriger een juiste diagnose stellen. We begrijpen beter hoe het ziekteproces werkt. En we kennen een groot aantal genetische factoren dat Alzheimer veroorzaakt dan wel het risico erop verhoogt. Dat alles maakt dat een werkzame therapie steeds dichterbij komt.”
Een kijkje in de hersenen
“Zekerheid over de diagnose is een groot goed. Het geeft patiënten – en hun omgeving – de gelegenheid om hun aandoening te accepteren en ermee te leren omgaan. Als er meer tijd is om de benodigde zorg goed te regelen, kunnen patiënten bovendien langer thuis blijven wonen.
In de meeste gevallen zien we in het hersenvocht of iemand Alzheimer heeft of niet. De uitkomst is echter niet altijd duidelijk. Dan biedt een zogenaamde PET-scan uitkomst. Een patiënt krijgt daarbij een kleine hoeveelheid radioactieve stof ingespoten, die zich vasthecht aan de Alzheimer-eiwitten in de hersenen. Op de scanner licht die stof op, zodat we precies weten waar de grootste problemen zitten en hoe die zich ontwikkelen. Iets wat met een hersenvochttest niet kan.
Een PET-scan geeft dus een duidelijker diagnose. Bovendien kun je erop zien of medicijnen effect hebben of niet. Dat is vooral voor het onderzoek naar nieuwe medicatie belangrijk. Tot voor kort werd de PET-scan bij Alzheimer alleen in onderzoeksverband ingezet. Maar nu hij officieel voor diagnostisch gebruik is goedgekeurd, gaan steeds meer ziekenhuizen hem in de dagelijkse praktijk toepassen.”
Speuren in het bloed
“Afgelopen september was er een hoop te doen om een nieuwe bloedtest die we in het Amsterdam UMC hebben ontwikkeld. Naar verwachting kunnen we die binnen twee jaar gebruiken om de ziekte van Alzheimer in een vroege fase vast te stellen en het verloop ervan beter te volgen. Een belangrijk voordeel is dat bloedprikken voor de patiënt veel minder belastend is dan een hersenvochtonderzoek of een PET-scan. Let wel: dat betekent niet dat we op grote schaal bij mensen gaan testen of ze in de toekomst misschien Alzheimer krijgen. Zolang er geen doeltreffende behandeling is, heeft dat namelijk helemaal geen zin. De meerwaarde van de test zit hem vooral in de voorselectie: bij welke mensen met geheugenklachten moeten wel een belastend hersenvochtonderzoek doen en bij welke is dat niet nodig? Daarnaast helpt de bloedtest ons om patiënten te selecteren die baat kunnen hebben bij deelname aan wetenschappelijk onderzoek.”
Niet één oplossing
“Sinds eind jaren ’90 zijn er enkele medicijnen op de markt, die Alzheimer-klachten enigszins verlichten. Sommige patiënten ervaren een verbetering in bijvoorbeeld denken en herinneren. Helaas geldt dat voor minder dan de helft van alle mensen met Alzheimer. Vooraf valt niet te voorspellen wie baat de middelen heeft en wie niet.
Beschadigd of verdwenen hersenweefsel met medicatie herstellen kunnen we nog niet. Dat proces is vooralsnog onomkeerbaar. Vandaar dat we met man en macht zoeken naar middelen die de ontwikkeling van Alzheimer – en daarmee van de verwoestende effecten van de ziekte – al in een vroeg stadium stoppen om zo permanente schade te voorkomen.
Wie de krant leest, denkt misschien dat we daarbij weinig vooruitgang boeken. Niets is minder waar. Voor alle mislukte onderzoeken was achteraf een goede verklaring. Daar leren we van. Momenteel lopen er wereldwijd verschillende veelbelovende studies die ons binnen een paar jaar laten zien of we nu wél op de goede weg zijn. Hopelijk brengen ze ons weer een stap dichterbij een oplossing.
Overigens is Alzheimer zo complex dat er nooit één pil tegen zal komen. De toekomst ligt in personalized medicine: maatwerk voor iedere patiënt, waarbij je de ziekte op verschillende manieren tegelijk aanpakt. Of het nu over vijf of over vijftien jaar is, we gaan het antwoord vinden.”
Gezond leven
“Met het ouder worden krijgen we in principe allemaal Alzheimer-eiwitten in ons brein. Maar niet iedereen krijgt daar ook last van. Of dat wel of niet gebeurt, hangt mede af van de conditie van je bloedvaten. Hoe slechter die eraan toe zijn, hoe groter de kans op problemen. Vandaar dat het zo belangrijk is om hart- en vaten gezond te houden. Óók om Alzheimer te voorkomen. Het bewijs? Dankzij de grootschalige aanpak van hoge bloeddruk, suikerziekte en hoog cholesterol is het aantal Alzheimer-patiënten de afgelopen jaren iets minder hard gestegen dan verwacht. 

Door gezond te leven, kun je zelf je risico op Alzheimer verlagen. Dat betekent: niet roken, een gezond dieet en gewicht en voldoende bewegen. Dat heeft altijd zin, ook als je bijvoorbeeld al in de vijftig of zestig bent. Verder doe je er verstandig aan om regelmatig je bloeddruk te laten checken. Begin daarmee vanaf je 30ste. Want hoe eerder je een eventuele hoge bloeddruk behandelt, hoe meer schade je voorkomt.” 

[Kader]
Online hulp voor mantelzorgers
Dementie heeft niet alleen ingrijpende gevolgen voor de patiënt, maar ook voor de mensen om hem heen. Ongeveer 70 procent van de mensen met dementie wordt thuis verzorgd door partners, kinderen of anderen in de naaste omgeving. In totaal zijn er meer dan een miljoen mantelzorgers in Nederland die direct met de ziekte te maken hebben. 54 procent is zwaar belast, blijkt uit onderzoek. Voor hen is er dementie.nl van Alzheimer Nederland. Op deze site vind je informatie, hulp, advies en ervaringsverhalen. Er is ook een online cursus ‘Omgaan met veranderend gedrag’. Die laatste biedt ook DementieOnline.nl, een initiatief van GGZ Noord-Holland Noord en alle verpleeghuizen in de regio Noord-Holland Noord. Vanachter hun computer leren mantelzorgers beter omgaan met het veranderende gedrag van hun naaste en met hun eigen emoties. Cursisten krijgen begeleiding van een persoonlijke coach.

[Kader]
Feiten en cijfers

  • Ruim 270.000 Nederlanders hebben dementie. Sinds 1950 is dat aantal meer dan vervijfvoudigd. De komende decennia zal het verder stijgen tot naar verwachting meer dan een half miljoen in 2045.
  • Naar schatting is bij meer dan 100.000 Nederlanders de diagnose nog niet gesteld. Zij lijden aan dementie, maar weten het (nog) niet.
  • De kans op dementie neemt sterk toe met de leeftijd. Eén op de tien 65-plussers heeft dementie. Van de 80-plussers zijn dat er twee op de tien en van de 90-plussers zelfs vier op de tien. Zo’n 5 procent van de patiënten is jonger dan 65.
  • Mannen krijgen vaker dementie dan vrouwen. 1 op de 7 mannen krijgt ermee te maken, 1 op de 3 vrouwen.
  • Mensen met dementie leven gemiddeld acht jaar met de ziekte. 
  • In 2015 (de laatst bekende cijfers) bedroegen de zorgkosten voor mensen met dementie 4,8 miljard euro. Dat is 5 procent van de totale kosten voor de gezondheidszorg.

Bron: Alzheimer Nederland

Gepubliceerd in Radar+, december 2018.